Leegloop platteland vraagt om inschikkelijkheid dorpen
BEETSTERZWAAG – De een de school, de ander het sportterrein – kleine dorpen zullen over de schutting moeten kijken om hun voorzieningen op peil te houden in de komende decennia van ontgroening.
Wat maakt een dorp een dorp? Het antwoord op die vraag zullen de inwoners van Opsterland steeds meer zelf moeten invullen met in het vooruitzicht demografische stilstand of afname. De gemeente blijft helpen om voorzieningen in de lucht te houden, maar niet zondermeer. Van de vanzelfsprekende ontmoetingspunten blijft slechts het dorpshuis als zekerheid over. Voor overige voorzieningen – scholen, peuterspeelzalen, sportterreinen – zullen de kleinste dorpen vindingrijke oplossingen moeten bedenken. Op de lange termijn betekent dat inschikken en samenwerken, zo luidt in grote lijnen de boodschap van Vitaal Opsterland 2, het gemeentelijk vergezicht over de toekomstige houdbaarheid van voorzieningen en accommodaties.
Net als bij deel 1– de indeling in centrum, plus, en woondorpen – leidde ook het vervolg tot de nodige consternatie de afgelopen weken. Verantwoordelijk wethouder Klaas de Boer lag bij de Plaatselijke Belangen van de kleine dorpen onder vuur over het uitgangspunt dat de ‘ideale ondergrens’ voor scholen 80 leerlingen zou zijn.
Die tachtig leerlingen is onderwijskundig gezien een ideaal getal, benadrukte Primo-directeur Jan Veenstra als inspreker bij de raadscommissie, maar zegt niet zoveel over de dagelijkse lespraktijk in Opsterland. ‘Met de landelijk gehanteerde ondergrens van 46 leerlingen valt heel goed te werken. Houdt die norm aan en laat de scholen het verder zelf uitzoeken. Nu zorgt de wethouder onnodig voor beroering.’
Dat vond oppositieleider Joukje van Roeden ook: ‘Je hebt ideaal denken, realistisch denken, en dan is er nog een kwalitatieve ondergrens. Waarom nu schermen met tachtig leerlingen, dat klinkt bedreigend.’ Maar volgens De Boer viel het met de onrust wel mee nadat hij zijn verhaal aan de Plaatselijke Belangen had toegelicht.
Voorlopig verandert er niets aan de bestaande situatie, maar de gemeente gaat geen nieuwe scholen bouwen voor dorpen waar het kindertal aantoonbaar terugloopt. Zo krijgt Luxwoude er op dit ogenblik een noodlokaal bij, maar de wethouder kan zich voorstellen dat in de toekomst een gedeelde school in Langezwaag meer levensvatbaar is, Jonkerslân zou zich daar dan weer bij kunnen aansluiten.
Maatwerk blijft van kracht, betoogde De Boer, maar het stellen van criteria schept duidelijkheid, dat is de bedoeling van Vitaal Opterland 2; of het nu het onderwijs, sport, of woningbouw betreft. Het geeft de dorpen een kader om vooruit te denken en op tijd op de nieuwe demografische werkelijkheid in te spelen.
In dat licht noemde de wethouder de teloorgang van het OBS It Foarwurk in Siegerswoude ‘confronterend’. Een meerderheid in de raad steunt voorlopig zijn visie, al zal de raadsbekrachtiging begin maart nog gepaard gaan met de nodige amendementen.
De gemeente Opsterland biedt een zee aan ruimte, maar kampt tegelijkertijd met een afname van het aantal inwoners, waardoor het voorzieningenniveau in de dorpen steeds verder onder druk komt te staan. Foto: Sierd Moll NVM Makelaar